De Nederlandse IT-arbeidsmarkt is een vat vol tegenstrijdigheden. De economie trekt aan en dus laat de schaarste aan IT-ers zich weer voelen ook in de flexibele schil. Je zou verwachten dat in dit positieve economische klimaat de gemiddelde inhuurtarieven van tijdelijk IT-personeel zijn gestegen. Dat is inderdaad het geval bij zelfstandigen en bij gedetacheerden. De tarieven voor flexibele inhuur vanuit mantelcontracten zijn daar een uitzondering op en zijn juist gedaald. Dit soort tegenstellingen maakt specifieke sourcing kennis rond de inhuur van externen onmisbaar.

Zoals gebruikelijk in een oplevende economie staat de ICT-sector vooraan tijdens een herstelperiode. Dat is nu niet anders. De inhuurtarieven voor gedetacheerden zijn dan ook over de gehele linie gestegen met ruim 4,5 procent ten opzichte van 2014 blijkt uit een in het najaar van 2015 uitgevoerde benchmarkstudie naar inhuurtarieven van METRI Group waarbij 25 beheercontracten gescreend werden. Bij de inhuur vanuit mantelcontracten daarentegen is er sprake van een anticyclische beweging. In dit segment zijn de tarieven juist met 2,5 procent gedaald over alle expertises gemeten, terwijl die tarieven vorig jaar een sprong omhoog hadden gemaakt. De lichte daling is een correctie op deze groeispurt. Het laat zien dat de verschillende leveranciers onderling de concurrentie aangaan en daarbij bereid zijn om werknemers tegen gunstige tarieven in de markt te zetten.

Toegang tot specifieke kennis loont want elders verkondigde waarheden die tariefstijging zouden doen vermoeden blijken in mantelcontracten juist anders uit te pakken. Zo voorspelde het Economisch Bureau van ING in een recente publicatie over de groei van zakelijke diensten dat de omzet van de software en services sector in Nederland die sinds 2014 opgebloeid is ook dit jaar weer met 8 procent zal stijgen. Dat is gunstig voor de tarieven voor bijvoorbeeld softwaredevelopers die via mantelcontracten geplaatst worden, zou je denken. Het tegendeel blijkt het geval. Binnen mantelcontracten zijn de tarieven voor deze specialismen juist flink gedaald. Sterker nog dan bij zelfstandigen en in de detacheringsmarkt.

Dynamiek

In 2016 zal de inhuur van externen de nodige dynamiek laten zien. Dat komt niet alleen door ontwikkelingen in de vraag maar vooral ook door veranderingen in de wet- en regelgeving. Het kabinet probeert met nieuwe regelgeving het aantal zelfstandigen binnen de perken te houden. Volgens berekeningen van het CBS zijn er naar verwachting eind dit jaar 1 miljoen Nederlanders actief als zelfstandig professional. Dat is bijna een op de vijf werkende Nederlanders. Die groei van flexibele arbeidsrelaties zet de positie van werknemers onder druk maar heeft met name ook een nadelige impact op de afdracht van premies en de belastinginkomsten.

Het is bijvoorbeeld nog steeds niet duidelijk hoe de Belastingdienst om zal gaan met de modelcontracten nu deze in de loop van dit jaar de Var-regeling zullen vervangen. De reactie op de aanscherping van flexcontracten toont aan dat inperking van de contractduur de doorloop van contracten juist heeft verhoogd en niet tot meer vaste dienstverbanden heeft geleid zoals de regering het had beoogd. Als zelfstandigen door de aanscherping van de regels minder gemakkelijk in te huren zijn zullen organisaties naar andere wegen gaan zoeken om hun flexibele schil in te vullen. Dat zal zeker impact hebben op de IT-arbeidsmarkt. De IT-sector loopt in de flexibiliseringstrend aan kop blijkt uit onderzoek van de Universiteit Tilburg. Mogelijkerwijs zal dit leiden tot meer inhuur vanuit uitbestedingsovereenkomsten en detachering met bijkomende effecten voor de tariefstelling.